Defensieweb wiki
Advertisement
Me110G4 2

De Messerschmitt Bf 110 (later Me 110) was een twee-motorige lichte jachtbommenwerper in dienst van de Luftwaffe tijdens de Tweede Wereldoorlog.

De Bf 110 werd met succes ingezet tijdens de campagnes tegen Polen en Frankrijk. Tijdens de slag om Engeland bleek de fatale zwakte tegenover aanvallen van enkelmotorige jagers en kon het zijn rol (het beschermen van bommenwerpers over langere afstand) niet vervullen. Het toestel was niet wendbaar genoeg t.o.v. de Britse Spitfire en Hurricane. Dit kwam onder andere doordat de zware boordkanonnen in de neus van het toestel waren gemonteerd. Het kwam tijdens de Slag om Engeland regelmatig voor dat een eskader Messerschmitt Bf 110´s gedwongen was om in een grote cirkel te vliegen om elkaar met hun zware boordkanonnen te beschermen tegen de niet aflatende zwermen Britse, éénmotorige jagers. Van het escorteren van Duitse bommenwerpers kwam zo dus weinig meer terecht.

Het toestel werd toen ingezet als nachtjager. In die rol had het succes omwille van zijn grote actieradius, vuurkracht en de ruimte die het kon bieden aan een radarinstallatie. Beruchte `Azen` uit de Duitse Nagdjagd waren onder andere Heinz Wolfgang Schnaufer, Helmut Lent en Egmont Prinz zur Lippe Weissenfeld. Alledrie waren tijdelijk gelegerd in Nederland op vliegbasis Leeuwarden. Schnaufer presteerde het om op één dag 9 bommenwerpers neer te halen, waarvan 7 's-nachts.

Op 10 mei 1941 gebruikte Rudolf Hess een aangepaste Bf110D om van Augsburg naar Schotland te vliegen, voor het aanbieden van vredesvoorstellen aan het Verenigd Koninkrijk.

Tijdens WOII is de Bf 110 in Nederland met 40 toestellen gestationeerd geweest op de Fliegerhorst Deelen in het 3e Zerstörergeschwader.

Advertisement